Keuzestress en verjaardagsfeestjes

Onlangs werd ik gevraagd of ik mee wilde werken aan een interview met een aankomend studente, over loopbaankeuzes in het kader van Oriëntatietraject Noord. Het betrof een jongedame die na de afronding van haar middelbare school geen keuze kon maken, en daarom een tussenjaar had gepland. In dit jaar wil ze uitzoeken wat ze eigenlijk interessant genoeg vindt om te gaan studeren. En nog een paar maanden reizen als toetje. Gaandeweg het interview kreeg ik het idee, dat ze misschien al langer toch best wat ideeën had over wat ze wilde studeren, al voor de afronding van haar middelbare school. Het betrof een alfastudie waarvan veel mensen in je omgeving denken dat je er rechtstreeks mee in een uitkering belandt. En de meeste mensen schromen niet je dat bij iedere gelegenheid die zich voordoet kenbaar te maken, denk bijvoorbeeld aan verjaardagsfeestjes, het liefst met familie. Er valt net een stilte in het kringgesprek en je jolige oom vraagt of je bij de inschrijving voor de studie Filosofie ook meteen een foldertje van het UWV krijgt: jolijt alom natuurlijk. Dat soort scènes, de meeste alfa’s kennen ze wel.

Psychologie van de koude grond

Nu is dit een beetje psychologie van de koude grond: er zullen ongetwijfeld meer factoren hebben meegespeeld om te kiezen voor een tussenjaar in het geval van de slimme, aardige dame die ik sprak. Maar haar verhaal bracht me weer eens aan het denken over die keuzestress, die soms deels wordt veroorzaakt door je omgeving en door wat je leest over studies, loopbanen en de arbeidsmarkt. Ik denk dat in het algemeen veel mensen zich laten leiden door vergelijkbare opvattingen: als je geen verstandige studie gaat doen zoals bedrijfskunde, accountancy of rechten, dan kom je nooit aan een fatsoenlijke baan. De variatie is schier eindeloos: de twijfelende scholier moet zich vaak verantwoorden voor zoiets belachelijks als een studie kunstgeschiedenis, theologie of geschiedenis. Nog even afgezien van enkele recente cijfers over de arbeidsmarkt: je studie en later je loopbaan kun je niet naar enige tevredenheid vormen, als je niet ook ruimte geeft aan je individuele smaak en eigen kwaliteiten. Zeker, je hele leven werkzaam zijn bij hetzelfde bedrijf of in dezelfde sector wordt zeer zeldzaam, dus switchen is vaak niet eens een keuze maar noodzaak. Maar bedenk goed hoe je traject daarvoor eruit kan zien.

Worstelen

Voor je werkzame leven begint, worstel je je eerst vier jaar door een studie heen, waarvan je voor het einde van het eerste semester al doorhebt dat dit het niet voor je is. Je wordt er doodongelukkig van, je gaat je vervelen en je motivatie zakt richting nulpunt. Resultaat: vertraging of uitval in veel cases. En dan hebben we het nog niet eens over de kosten in het huidige leenstelsel. Stel dat je je papiertje haalt, dan heb je kans dat je gaat werken in de branche van je studie. Je opleiding vond je niks, dus grote kans dat het werkveld waarvoor je bent opgeleid, je ook niet zal bevallen. Goed, met genoeg inzet kun je vaak wel een switch maken en na enige tijd in een ander werkveld aan de slag. Maar het scenario is dan dus, dat je vanaf je 18e tot laten we zeggen je 30e jaar het grootste gedeelte van je dagen bezig bent met zaken waar je geen motivatie voor hebt. Dat is een deprimerende gedachte voor alle betrokken partijen. En misschien nog wel een effectiever recept voor het UWV middels burn-out etc. dan die zogenaamde ‘pretstudie’ waar je omgeving je voor waarschuwde.

Pretstudie

Dus, de volgende keer dat iemand weer eens begint over bijvoorbeeld ‘studie tot werkeloosheid’ of ‘pretstudie’, dan moet je toch eens nadenken als scholier of dat allemaal wel klopt en of je je door dergelijke aannames moet laten leiden. Om een eerder punt op te pakken: een van de studies met goede baangarantie is momenteel Theologie, overigens. Onder de academische studies met de minste kansen in 2014 bevinden zich Bedrijfskunde en Rechten by the way. Dat komt mede omdat er inmiddels als enkele tientallen jaren vele scholieren een verstandige keuze hebben gemaakt en er nu dus teveel bedrijfskundigen en juristen zijn. En dat idee van een pretstudie: menigeen die dat roept, zou zelf moeite hebben met precies die kennis die je bijvoorbeeld bij geschiedenis opdoet: overzicht creëren in grote hoeveelheden informatie, brononderzoek, schrijfvaardigheid etc. En menigeen wenste stiekem ook dat ze zelf hun hart hadden gevolgd toen ze 18 waren. Zoals die man ruim vijftien jaar geleden, toen ik nog volop bezig was met mijn studie.

Indiana Jones

Ik zie hem nog staan, de bedrijfsleider in het lokale onafhankelijke warenhuis waar ik een zomerbaantje had. Hij had me, op weg naar zijn kantoor, net gevraagd wat ik met de rest van mijn zomer zou doen. Nou, meewerken aan opgravingen in Griekenland en Turkije, want dat kon ik doen met mijn studie. Een mengeling van spijt, verlangen en verbazing trok direct over zijn gezicht. Enthousiast begon hij over de filmheld Indiana Jones: wat een geweldige avonturen zou ik beleven, hij had eigenlijk ook ooit archeologie willen studeren maar had toch maar wat verstandigs gekozen. Nu lijken de meeste opgravingen niet bepaald op de avonturen van Indiana Jones, maar zijn reactie is me altijd bijgebleven. En trouwens; zo’n reactie op mijn studie heb ik vaker meegemaakt, maar daarover meer in een ander blog.

Spijt

Of ik zelf spijt had van mijn studiekeuzes en elementen in mijn loopbaan, vroeg de dame ter afronding van het interview in het kader van het oriëntatietraject. Nee, zeker niet over de keuze voor Grieks en Latijn, een geweldige studie die ik niet had willen missen. Ik had er hoogstens eerder voor kunnen kiezen, omdat ik startte met een studie Nederlands. Die keuze kwam grotendeels voort uit het verlangen een midden te vinden tussen acceptatie (alfastudie, maar nog enigszins te begrijpen in een omgeving gevuld met betà’s) en eigen plezier. Voor de kerst van 1996 wist ik al dat ik de vier jaar niet vol ging maken, en ik switchte naar mijn eerste liefde; de oude talen. Later in mijn loopbaan heb ik er nog een schepje bovenop gedaan qua maatschappelijke onaanvaardbaarheid: een promotie bij Theologie en Godsdienstwetenschappen. Dan kun je het eigenlijk wel schudden voortaan op die verjaardagsfeestjes. Maar het heeft me precies gebracht waar ik naar op zoek was: uitdaging, plezier en een loopbaan waar ik blij mee ben. Niet zonder slag of stoot, want ik heb me vaak moeten verantwoorden en hard moeten werken om een plek te veroveren. Wie daar niet tegenop ziet, wacht in ieder geval de beloning, dat je hoogstwaarschijnlijk niet al vroeg in je professioneel leven zult denken: ‘had ik maar….’

Sta je dus als scholier voor een studiekeuze, of ben je na een eerste begin uitgevallen: wik, weeg, praat met mensen uit je beoogde werkveld en vergeet vooral niet je eigen ingevingen te volgen. En als je er niet uitkomt en je woont in Groningen, geef je dan op voor het Oriëntatietraject Noord, waar ze je helpen bij dit proces. Hard werken is niet erg en zelfs erg leuk: met lood in je schoenen hard studeren en werken is zonde!

Auteur: Marlies Schipperheijn, eigenaar Alfa@work

Share

‘Maar dat is toch geen werk’

Vaak hoor ik werkzoekende alfa’s dit zeggen, als ze het over hun vrijwilligerswerk hebben. Dit werk doen zij door intrinsieke motivatie, omdat ze iets voor de maatschappij willen betekenen. Soms speelt mee, dat deze alfa’s geen betaald werk kunnen krijgen en toch graag aan de slag willen. De discussie ontstaat als het vrijwilligerswerk moet worden omschreven op hun cv. En dan komt de onzekerheid en de onderschatting om de hoek kijken. Mensen en alfa’s in het bijzonder denken vaak, dat je vrijwilligerswerk geen plek onder het kopje ‘werkervaring’ moet geven, op de meest prominente plek op je cv dus. De redenen die ik hoor zijn uiteenlopend, maar komen allemaal ongeveer neer op twee redenaties: ‘dat is toch geen echt werk’ en ‘ik wil niet liegen op mijn cv’. Beide redeneringen kloppen niet om verschillende redenen, en bovendien gooi je je eigen glazen er danig mee in op de arbeidsmarkt. Laten we beginnen met de eerste reden, dat vrijwilligerswerk geen echt werk zou zijn.

Wat is vrijwilligerswerk eigenlijk?

Draai het eens om: waarom bestaat er eigenlijk vrijwilligerswerk op de arbeidsmarkt en wat is het? De reden is eigenlijk heel simpel. Veel vrijwilligerswerk ontstaat, omdat bedrijven en instellingen geen geld hebben om mensen betaald aan te nemen. Het werk moet echter wel gedaan worden. Twee oplossingen worden hier vaak voor bedacht: stagiaires en vrijwilligers. Als vrijwilliger vervul je dus vaak taken, die volledig zijn opgenomen in het bedrijfsproces: je doet absoluut geen werk dat voor jouw vermaak en dagbesteding is geschapen. Als je het bekijkt vanuit je eigen positie, zeker als je nog weinig werkervaring hebt, is het buitengewoon zonde om je cv met gaten op te stellen, als dat niet aan de orde is. De meningen verschillen over de plek van vrijwilligerswerk op je cv bij mensen die professioneel naar cv’s kijken. Maar inmiddels is geen werkgever meer te vinden, die niet weet dat de huidige arbeidsmarkt moeilijk is door de crisis en dat mensen met ontzettend veel enthousiasme, kennis en kunde periodes van werkeloosheid kennen. Dat jij die tijd gebruikt om je toch nuttig te maken en ervaring op te blijven doen, is alleen maar te prijzen. Zet dus je vrijwilligerswerk precies zoals betaald werk bij je werkervaring op je cv. Je hoeft er ook niet bij te zetten dat het vrijwilligerswerk is als je solliciteert. Mocht dat nodig zijn, dan kun je dat altijd in een sollicitatiegesprek toelichten. Waarom hoef je het niet te vermelden, dat het om vrijwilligerswerk gaat?

Ik wil niet liegen

Dan komen we op het terrein van de tweede redenering, het gevoel hebben te ‘liegen’ op je cv. De opname van je onbetaalde werk onder je werkervaring is geen liegen, het is de waarheid. Het werk moet gedaan worden en jij hebt dat gedaan, je bent er alleen niet voor betaald. Ik kan een eenvoudig voorbeeld noemen, namelijk de culturele wereld. Uit deze praktijk waarin ik zelf ook werkzaam ben, kan ik melden, dat zonder vrijwilligers minstens de helft van de culturele instellingen zoals musea de deuren zou moeten sluiten. Zonder vrijwilligers kunnen essentiële taken niet worden gedaan, zoals de balie bemannen, kaartjes verkopen, educatieprojecten uitvoeren en het bijhouden en restaureren van de collectie. De verhouding vrijwilligers-betaalde medewerkers is in veel musea 8:1, dus reken maar uit wat er zou gebeuren zonder deze onbetaalde medewerkers.

Tip

Mocht je er nu nog steeds van overtuigd zijn, dat vrijwilligerswerk als zodanig vermeld moet worden, neem dan in ieder geval de volgende tip ter harte, als je werkeloos bent en nog niet veel betaalde werkervaring hebt: zet het vrijwilligerswerk niet onder een apart kopje als ‘Overige informatie’ of ‘Overige activiteiten’ ergens aan het eind van je cv. Zet het echt onder het kopje ‘Werkervaring’ bovenaan, omschrijf het gewoon zoals je de verantwoordelijkheden en taken van betaald werk omschrijft en plaatst ergens aan het eind van die opsomming tussen haakjes iets als ‘op vrijwillige basis’. Dit voorkomt verwarring bij recruiters en geeft ook meteen aan dat jij dat werk serieus neemt in de uitvoering.

Tot slot: vergeet ook niet, dat je naast je ervaring en vaardigheden, ook je netwerk uitbreidt. Dat komt niet alleen jezelf van pas, maar ook toekomstige werkgevers. Kortom, als je alles bij elkaar optelt, is vrijwilligerswerk niet alleen werk dat je doet omdat je het leuk vindt en uit intrinsieke motivatie, maar ook werk dat je kan helpen om aan betaald werk te komen. Dan moet je gedachten over de waarde van het werk en over jouw waarde als alfaprofessional wel kloppen!

Auteur: Marlies Schipperheijn, eigenaar Alfa@work

Marlies Schipperheijn eigenaar communicatiebureau Alfa@work, vrijwilligerswerk

Marlies Schipperheijn, eigenaar Alfa@work

 

Diensten

Communicatie

U kunt bij Alfa@work terecht voor diensten op het gebied van communicatie, social media en arbeidsmarktcoaching. Alfa@work helpt bedrijven, instellingen en individuen hun boodschap zo goed mogelijk onder woorden te brengen met de juiste middelen en binnen het budget.

Bent u op zoek naar hulp op het gebied van communicatie en social media? Alfa@work Communication helpt u met advies, strategie en implementatie: social media en webcare, contentmanagement, copywriting en projectcommunicatie.

Alfa@work verzorgt tevens arbeidsmarkttrainingen en seminars met veel aandacht voor netwerken en het gebruik van social media (Alfa@work Professionals). Specialisme: loopbaancoaching voor alfa’s. Ook hier draait het om communicatie: kunt u als professional goed overbrengen, waar u goed in bent?

Over Alfa@work

Alfa@work eigenaar Marlies Schipperheijn

Marlies Schipperheijn, eigenaar Alfa@work

Alfa@work: Een alfa aan het werk

Alfa@work is in 2011 opgericht door Marlies Schipperheijn. Na een propedeuse Nederlands en een prachtige studie Grieks en Latijn ging ik vol goede moed de arbeidsmarkt op. Ik heb veel banen gehad tijdens mijn studietijd, veel vaardigheden en kennis opgedaan, maar dat was niet voldoende. Brieven schrijven en afwijzingen incasseren. Hoewel niet direct mijn eerste keus, heb ik vervolgens met heel veel plezier gewerkt als promovendus bij de Rijksuniversiteit Groningen. De arbeidsmarkt bleek na mijn promotie in 2011 wederom een bijna onneembare vesting, ondanks alle vaardigheden, kwalificaties en kennis. Dit stimuleerde mij om mij eigen bedrijf te starten en te gaan doen waar ik goed in ben, namelijk communicatie en social media.

U kunt mij inhuren voor webredactie, het schrijven en verzenden van nieuwsbrieven, het schrijven van webteksten, het maken van een bedrijfsfolder (van concept tot druk), ambtelijk secretariaat, PR activiteiten zoals een goed persbericht schrijven, of bijvoorbeeld het opzetten en beheren van social media.

“Iets met geschiedenis”

Daarnaast brachten mijn eigen ervaringen op de arbeidsmarkt mij ertoe, te onderzoeken wat er eigenlijk fout ging. Ik zag ook dat het een patroon was: veel mensen ronden een goede en gedegen alfastudie af, maar komen vervolgens moeilijk aan het werk. Als deze alfa’s dan werk vinden, dan is dat vaak onder hun niveau. Dit probleem wordt veroorzaakt door beide partijen, de werkzoekenden en de werkgevers. Beide zijn ten onrechte te weinig op de hoogte van de vaardigheden en kennis die een alfastudie opleveren. Door cursussen te doen, door me te verdiepen in de arbeidsmarkt via seminars, boeken, internet en door veel te netwerken, heb ik kennis opgedaan over solliciteren en de arbeidsmarkt die ik nu door wil geven.

Met het bedrijfsonderdeel Alfa@work Professionals richt ik mij daarom specifiek op de arbeidsmarkt voor alfa’s. Ik ken de doelgroep goed en ik weet wat hun problemen zijn: veel zeer gemotiveerde mensen met een enorme hoeveelheid kennis en vaardigheden, maar niet de skills om die onder de aandacht te brengen bij werkgevers. Via de workshops en trainingen die ik geef met Alfa@work Professionals, kom ik nog maandelijks mensen tegen die op de vraag welk werk ze zoeken, “iets met geschiedenis” of “iets met mensen” antwoorden. Hen help ik van kennis naar kunde te komen: weet wat je kunt en welk werk je zoekt. Dat is de eerste stap in de zoektocht naar een baan.

Ik werk nu als communicatieprofessional voor diverse opdrachtgevers in het MKB en voor onderwijsinstellingen.

Kortom, Alfa@work!